eeculair

Ontwikkeling van staalprijzen: prognoses en risico’s

De staalmarkt is de afgelopen jaren allesbehalve stabiel geweest. Op basis van prijsdata van week 1 van 2024 tot en met week 10 van 2026 ontstaat een duidelijk beeld. Voorraadprijzen stegen in die periode van gemiddeld €815,- per ton in januari 2024 naar €865,- per ton in maart 2026, een stijging van 6,13%. Walsprijzen namen in dezelfde periode beperkter toe: van €790,- per ton naar €805,- per ton, een stijging van 1,9%.

Verschillende fases

Kijk je naar het verloop in de tijd, dan zijn er drie duidelijke fases te herkennen. In 2024 kende de markt eerst een dip door lage vraag en een afwachtende houding bij afnemers. Vanaf het derde kwartaal trok de prijs weer aan en sloot het jaar duidelijk sterker af. In 2025 bleef de markt relatief stabiel; walsprijzen bleven wat achter, terwijl voorraadprijzen grotendeels op een vergelijkbaar niveau bleven.

De eerste weken van 2026 laten echter weer een duidelijke opwaartse beweging zien. De geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten spelen daarbij een belangrijke rol, doordat hogere energie- en transportkosten de druk op staalprijzen vergroten. Tegelijk worden producenten voorzichtiger met het afgeven van lange termijnprijzen. Daarmee lijkt de markt zich te ontwikkelen van een fase van herstel (2024), via stabiliteit (2025), naar een periode van toenemende prijs-onrust in 2026. 

Prognose voor de komende tijd

In de komende periode verwachten we dat de beweging die hiervoor werd geschetst, zich doorzet. 

Geopolitiek & energie

De spanningen rond de Straat van Hormuz hebben directe invloed op de energie- en transportkosten. Olie- en gasprijzen lopen op en rederijen kiezen vaker voor omvaarroutes om risico’s te vermijden. Dat zorgt voor hogere vrachtprijzen en langere levertijden. Ook binnen Europa worden transportkosten merkbaar hoger; opvallend is dat de dieselprijs inmiddels zelfs boven de benzineprijs ligt, wat extra druk zet op logistieke kosten.

Gedrag van producenten

Steeds meer staalfabrieken worden terughoudender in hun marktbenadering. Waar eerder langere prijsafspraken mogelijk waren, trekken producenten zich nu vaker gedeeltelijk terug uit de markt of bieden zij alleen nog dagprijzen aan. Langetermijnaanbiedingen verdwijnen daarmee steeds vaker. Tegelijk blijft de Europese vraag relatief gematigd, terwijl de productiecapaciteit beperkt blijft door aanhoudende prijsdruk in de sector.

Wat kunnen wij verwachten?

De komende periode lijkt vooral gekenmerkt te worden door prijsvolatiliteit. Als de spanningen in het Midden-Oosten aanhouden, is een verdere stijging van staalprijzen zeker realistisch. Daarnaast wordt verwacht dat het prijsverschil tussen Europees voorraadmateriaal en wals- of importmateriaal verder toeneemt, mede door geopolitieke onzekerheid en nieuwe regelgeving zoals CBAM (Carbon Border Adjustment Mechanism).

Risico’s voor projecten

Voor projecten betekent deze marktsituatie dat prijzen minder voorspelbaar worden. Begrotingen moeten mogelijk vaker worden aangepast door schommelingen in materiaalprijzen. Daarnaast kunnen levertijden langer worden en neemt de zekerheid rond walsorders af. Voor klanten betekent dit dat sneller schakelen belangrijker wordt, met kortere geldigheid van offertes en een grotere noodzaak om tijdig te anticiperen op mogelijke prijsstijgingen.

CBAM

CBAM is de nieuwe Europese grensheffing op CO₂-intensieve producten, waaronder staal. Het principe is eenvoudig: hoe hoger de CO₂-uitstoot bij de productie, hoe hoger de heffing bij import in de EU. Het doel is om Europese producenten te beschermen en te voorkomen dat productie wordt verplaatst naar landen met minder strenge klimaatregels. Tegelijk zal CBAM niet alleen invloed hebben op staalprijzen, maar ook op hoe bedrijven keuzes maken rondom herkomst, planning en contractvorm.

Waar staan we nu?

De invoering van CBAM verloopt gefaseerd. Sinds 1 oktober 2023 moeten importeurs rapporteren hoeveel CO₂-uitstoot verbonden is aan hun geïmporteerde materiaal. Op 1 januari 2026 is de volgende fase ingegaan: importeurs moeten daadwerkelijk betalen voor deze uitstoot via CBAM-certificaten. Daarmee wordt CO₂ een directe kostenfactor in internationale staalhandel.

Wat betekent dit in de praktijk?

In de praktijk betekent dit dat staal uit landen met een relatief hoge CO₂-intensiteit, zoals India, Turkije en delen van de MENA-regio, aanzienlijk duurder kan worden bij import in Europa. Europees geproduceerd staal wordt daardoor relatief stabieler geprijsd. Tegelijk groeit de vraag naar transparantie: steeds vaker wordt in aanbestedingen gevraagd naar de herkomst van het staal en de bijbehorende CO₂-footprint.

Anticiperend vermogen maakt het verschil

Alles bij elkaar laat de staalmarkt momenteel een combinatie zien van structurele veranderingen en kortetermijn onrust. Geopolitieke spanningen, energieprijzen en logistieke kosten zorgen voor volatiliteit, terwijl regelgeving zoals CBAM de spelregels van de internationale staalhandel blijvend verandert. Daardoor verschuift de aandacht steeds meer naar herkomst, CO₂-impact en leveringszekerheid. Voor bedrijven en projecten betekent dit dat flexibiliteit, transparantie en tijdige besluitvorming belangrijker worden dan ooit. In een markt die minder voorspelbaar wordt, zal het vermogen om snel te anticiperen op prijs- en marktontwikkelingen steeds vaker het verschil maken.

Benieuwd naar de actuele staalprijzen? Wij sturen wekelijks een mail met de laatste prijsinformatie, zodat je je budget scherp kunt houden en je de beste beslissingen kunt nemen op basis van de meest recente gegevens. Schrijf je via deze link in voor de wekelijkse staalprijzen mail.